Tagarchief: poes

Forever will be you and me.

Diegenen die me al lang kennen, kennen mijn Lizzie.
Diegenen die me niet lang kennen, Lizzie, mijn allereerste huisdier en poes. Vrienden geloofden niet dat ik een kat in huis had omdat ze zich altijd verstopte als er iemand was, maar als we alleen waren, leefde ze op en waren we de beste vrienden.
Ze is ongeveer 12x mee verhuisd met me.

Ze werd ouder en sympathieker naar anderen toe en ze werd ziek. Ze is 2x geopereerd aan blaasgruis en ik moest haar een hoop schildklier pilletjes geven.

Afgelopen maanden was ik me aan het voorbereiden, mijn Lizzieke is 16, ze gaat mijn verjaardag niet meer halen. Haar lichaam was aan het opgeven, maar haar geest zeker niet.

20 augustus stond ik op en mijn Lizzieke kwam niet zeuren achter melk en ook niet naar een stukje vlees. Ik bekeek haar en zei tegen mijn lief “Het is de laatste dag” en begon keihard te janken. Mijn lief reageerde met “Zeg, ze is er toch nog”
In de late namiddag nam ik haar op mijn schoot, maar ze wou bij me weg en ging in een mand liggen waar ze al maanden niet meer had ingezeten. Het is een afgesloten vierkante mand. Ik liet haar doen en begon weer te janken.

Ik pakte haar terug op mijn schoot na een tijd, goed stevig, maar niet te hard, want ze was intussen erg mager geworden. Ik wou dat ze kon voelen hoe graag ik haar zag en hoeveel ik van haar hield. Ze bleef een kwartiertje in mijn armen liggen, ik hoorde haar nog lichtjes spinnen, maar ze wou weg en sprong in een kartonnen doos die er nog stond van te gaan winkelen.
Ik legde er een deken in en liet haar doen.

Ze ging weer naar de afgesloten mand en intussen waren we iets na 22.00 uur. In die periode had ik al heel veel afgejankt. Ik besloot nog heel even iets te checken op de pc voor ik naar boven ging.
Plots hoor ik haar janken net zoals toen ze heel erg jong was en ze kruipt uit de mand. Ik hurk me neer en neem haar op, ze duwt zich weg, maar kan niet meer op haar poten staan.

Ik pak haar op en ga in de zetel zitten, waar ik haar op mijn borst leg en begin te strelen en zachtjes tegen haar begin te praten. Ik voel hoe haar laatste strijd zich heeft ingezet en haar lichaam begint af te sluiten en tenslotte zie ik het licht uitgaan in haar ogen.

Ik zeg tegen mijn lief “Ze is weg” en begin alweer hartverscheurend te janken, net zoals ik nu doe terwijl ik het neertyp voor jullie.

Ik wou enkel dat ze in mijn armen zou gaan, want wij samen tegen de wereld hebben we 16 jaar lang gedaan. Ze was mijn eerste baby. Maar het licht zien doven in haar ogen zal me heel lang bijblijven en was ontzettend pijnlijk om mee te maken.

Ik was mezelf al maanden aan het voorbereiden op haar gaan, maar niets kan je voorbereiden.
Ik kan het nu achteraf wel makkelijker plaatsen dan toen Anna overreden werd.

Ik denk enkele dag aan mijn ros dikkopke en ben blij dat ze een heel mooi leven heeft gehad.

Hieronder een typische foto van ons Lizzie onder een deken in bed
 

Lizzie

Advertenties

Life’s under no obligation to give us what we expect.

Ik heb er een hele tijd over aan het nadenken geweest.
Ik zei tegen mijn zus dat ik een beetje liefde teveel in me heb zitten. Ze antwoordde met dat ik een kind moest maken.

Dat vond ik er nu net een beetje over.

Ik ga op zoek naar een kitten om een warme thuis te geven. Ik mis mijn poes nog steeds geweldig en de 2 andere poezen mogen en kunnen het niet opvangen. Ik wil graag een volledig wit of zwart kitten om zo min mogelijk om mijn huidige poezen of op mijn gestorven poes te lijken.

Ik dacht eerst aan een volwassen poes met maar 3 poten of 1 oog. Je begrijpt wat ik bedoel hé. Een warme thuis geven aan een poes die het écht nodig heeft. Maar dat aanpassing gaat te groot zijn voor de poes en voor mijn beesten. Ik heb er tenslotte een hoop. Ik heb gezien bij mijn jongste poes, hij ze geen angst heeft gehad voor de hond en onverschrokken ons gezin overrompelde, daarom denk ik dat een kitten de beste keuze is.

Nu nog eentje vinden.

Life is but a dream for the dead.

Zondagmorgen liep ik zoals naar gewoonte naar de kippen intussen luid roepend op mijn poes. Niet echt ongerust, want het is net of hij weet wanneer het weekend is en staat dan niet ’s morgens aan de deur in de living te wachten op zijn melk en snoepjes.
Als ik dan op roep op zijn naam, kom hij aangestormd alsof er achter hem brand is gesticht, we knuffelen wat en hij trekt een spurtje naar de deur.
We hebben 3 poezen, maar ik ben de beste vriend van deze poes en we hebben ook veel contact, waar de binnenpoes veel liefde nodig heeft, maar veel minder sociaal is en de jongste een brok geweld is.

Dus ik was aan het roepen op mijn poes, enkele malen, en nog enkele malen en toen kwam de buurman naar de draad en zei “Ik denk dat ik slecht nieuws heb voor jou, ik denk dat jouw poes op straat ligt voor onze deur’. Ik antwoordde zeer onbeleefd met een “Wat” en draaide me om, naar mijn lief die reeds in de deuropening stond. Onze deuropening ligt aan de zijkant van het huis.

Ik voelde mijn hele gezicht vertrekken en wezen in elkaar krimpen en begon heel luid te huilen in de armen van mijn lief die het al had zijn aankomen aan de vorm van mijn gezicht. Ik snikte dat hij moest gaan checken of het echt wel mijn poes was, en liep de keuken in waar ik me door mijn benen liet zakken en de hond met zijn snuit stond te duwen.

Mijn lief kwam terug binnen en pakte me vast, dat was bevestiging genoeg. Ik werd ziek en liep naar de badkamer, liep terug naar mijn bed, het verlies van mijn poes doet zo’n pijn.

En ik weet het ‘Het is maar een huisdier’, maar het was wel het mijne, nog maar 8 jaar. De meest voorzichtige poes van de drie, diegene die kijkt voor ze oversteekt, is aangereden, terwijl de straat een week autovrij is, hoe kan dat gebeuren.

Ik werd ook kwaad, op mijn lief, die me al eens gezegd had dat hij ‘die rotkat’ liever kwijt dan rijk was en er ook nog geen traan voor had gelaten. Ze kwamen niet zo goed overeen.

Maar die poes, daar had ik veel tijd ingestoken. Ik had hem geleerd te zitten, snoepjes enkel op de krabpaal, … .

Gisteren heb ik hem laten cremeren en nu blijkt er enkel nog wat as en vermalen botjes over in een potje. In een plastiek zakje, daar kroop hij graag in, in een urne, die veel te groot is voor wat er maar overblijft.

Het eerste waar ik al 2 dagen aan denk, de eerste die ik ’s morgens roep, maar die niet meer komt. Als ik eet, zit ze niet meer op de stoel naast me te wachten, of als ze ongeduldig is op mijn stoel zelf.

Mijn vrienden en familie die weten dat mijn dieren mijn kindjes zijn die geven me verschillende reacties in de stijl van ‘Je hebt er nog andere’ – ‘Neem een andere poes, er zijn er nog zoveel die liefde nodig hebben en jij kan het leed niet aanzien’ – ‘Neem nu niet direct een nieuwe poes’.
Ik weet je kan niet juist op een verlies reageren, ik ben er zelf slecht in, maar het doet verdorie hel veel pijn en ik mis mijn poes geweldig.